Lichtkwaliteit & controle

Lux-normen voor sportverlichting: EN 12193 en federaties

Hoeveel lux heeft jouw sport nodig? Vergelijk bevestigde richtlijnen voor voetbal, hockey, tennis en basketbal, met de juiste gebruikscontext.

Door EcoSports4 min leestijdBijgewerkt op 3 november 2026
Verlichte voetbalvelden bij K. Brecht SK

Het korte antwoord

De juiste verlichting hangt af van sport, competitie en gebruik. NBN EN 12193 behandelt onder meer verlichtingssterkte, gelijkmatigheid en verblinding; federaties kunnen aanvullende eisen opleggen. Onderstaande waarden komen uit de genoemde federatiebronnen. Ze zijn geen volledige EN 12193-tabel en vervangen de toetsing voor jouw accommodatie niet.

Wat betekenen lux en gelijkmatigheid?

Lux beschrijft hoeveel licht op een oppervlak valt. Het gemiddelde zegt niet hoe donker de zwakste zones zijn. Vergelijk daarom ook de gelijkmatigheid. Noteer steeds de formule: minimum gedeeld door gemiddelde is iets anders dan minimum gedeeld door maximum.

Een gebruikswaarde houdt rekening met het lichtniveau dat tijdens gebruik behouden moet blijven. Een hoge beginwaarde direct na installatie is daarmee niet zonder meer vergelijkbaar. Vraag welke onderhoudsfactor, meetzone en meetpunten in het ontwerp zijn gebruikt.

Bevestigde waarden met hun toepassingsgebied

Lees elke rij samen met de bron en het gebruik. Een buitenlandse federatierichtlijn is nuttige ontwerpinformatie, maar op zichzelf geen Belgische competitiegoedkeuring. Tv-opnamen of streaming kunnen extra eisen stellen die niet in deze compacte tabel staan.

Selectie uit openbare federatierichtlijnen, gecontroleerd op 3 november 2026
Sport en bronGebruikHorizontaal lichtniveauGelijkmatigheid / context
Voetbal · KBVB Volgens categorie en competitie Zie volledige categorietabel Ook overgangsbepalingen en controlevoorwaarden raadplegen
Hockey · FIH v2.2 Klasse I, zonder tv Minstens 500 lux gebruikswaarde min/max ≥ 0,50; min/gem ≥ 0,70
Hockey · FIH v2.2 Klasse II: clubcompetitie en training Minstens 350 lux gebruikswaarde min/max ≥ 0,50; min/gem ≥ 0,70
Hockey · FIH v2.2 Ontwikkeling en lokale training Minstens 200 lux gebruikswaarde min/max ≥ 0,40; min/gem ≥ 0,60; dimstand van I/II
Tennis · LTA, buiten Aanbevolen ontwerp 500 lux hoofdspelzone; 400 lux totale speelzone Gelijkmatigheid 0,70 / 0,60; Britse aanbeveling
Basketbal · FIBA Venue Guide Competitie zonder uitzending / elitetraining Gemiddeld minstens 750 lux Specifieke basketbalrichtlijn
Basketbal · FIBA Venue Guide Uitsluitend recreatief gebruik Gemiddeld minstens 300 lux Geen algemene norm voor iedere sporthal

Voetbal: behoud de volledige categorie-indeling

Voor een Belgische voetbalclub is de juiste KBVB-categorie het vertrekpunt. In ons afzonderlijke artikel staan de categorieën met hun eigen luxwaarden en voorwaarden. Neem die volledige tabel mee naar het overleg en controleer welke categorie voor jouw ploeg en terrein geldt.

Tennis, padel en gedeelde sporthallen

De LTA noemt daarnaast een lagere minimumaanbeveling voor buitenbanen: 400 lux in de hoofdspelzone en 300 lux in de totale speelzone, met respectievelijk 0,70 en 0,60 gelijkmatigheid. Maak duidelijk welke variant in je voorstel is gekozen. Trek deze tenniscijfers niet automatisch door naar padel of een indoorhal.

In een gedeelde hal bepaalt het echte programma welke eisen samen moeten worden afgedekt. Breng sporten, wedstrijdniveaus, zaalvakken en kijkrichtingen in beeld. De FIBA-getallen hierboven gelden voor basketbal in de genoemde situaties; andere sporten vragen hun eigen beoordeling.

Atletiek, rugby en andere toepassingen

Voor een atletiekpiste horen bijvoorbeeld ook startzones, bochten en gebruikte werp- of springonderdelen bij de opdracht. Bij rugby spelen hoge ballen en de volledige speelruimte mee. Leg per sport de beoefende disciplines, competitie en trainingsvormen vast voordat je een lichtklasse kiest.

Laat in de lichtstudie de toepasselijke normeditie en federatie-eisen benoemen. Een getal zonder die context is geen bruikbaar aankoopcriterium. Voor onder meer BMX, paardensport en hondenscholen stemmen we de analyse eveneens af op terrein, obstakels, kijkrichtingen en omgeving.

Wat moet in de lichtstudie en eindmeting staan?

Vraag een leesbare afspraak over het te beoordelen speelvlak en de gebruikte lichtstand. Dezelfde uitgangspunten moeten terugkomen bij de controle na installatie. Een sportkeuring en een technische eindmeting hebben niet automatisch dezelfde procedure.

  • Sport, gebruiksniveau, normeditie en eventuele federatievoorwaarden.
  • Lichtberekening met meetraster, gemiddelde, minimum en de juiste gelijkmatigheidsverhouding.
  • Beoordeling van verblinding, lichtkleur en de invloed op de omgeving.
  • Afzonderlijke waarden voor de afgesproken training- en wedstrijdstanden.
  • Afregeling, eindmeting en het verslag waarmee het resultaat wordt gecontroleerd.

Bronnen & achtergrond

Selectie uit openbare primaire bronnen, gecontroleerd op 3 november 2026. De NBN-catalogus onderbouwt het toepassingsgebied; de cijferwaarden hierboven zijn ontleend aan de afzonderlijk genoemde federaties. Raadpleeg de volledige bron voor alle bijkomende criteria.